Veelzijdig talent, studeerde af aan de Amsterdamse Toneelschool in 1972. Speelde bij theatergezelschappen van Baal tot Toneelgroep Amsterdam. Voor zijn rol in het stuk Hiroshima, Mon Amour ontving hij de Arlecchino voor de Beste Mannelijke Bijrol. Als acteur was Edwin de Vries bovendien te zien in toneelstukken als: Wie is er voor Virginia Woolf van Edward Albee, waarvoor hij de Louis d'Or voor de beste mannelijke hoofdrol ontving; Art, regie Gijs de Lange, met Hans Kesting en Paul de Leeuw en Trouw, regie Gijs de Lange.

Hij speelde belangrijke filmrollen in o.a. Een Maand Later, met Monique van de Ven, en In de Schaduw van de Overwinning, waarvoor hij i.s.m. Ate de Jong het scenario schreef. Speelde in Qui Vive, regie Frans Weisz, Left Luggage, regie Jeroen Krabbé, Hoogste Tijd, regie Frans Weisz, Aletta Jacobs, regie Nouchka van Brakel, Hoffman’s Honger, regie Leon de Winter, Leedvermaak, regie Frans Weisz, Een Maand Later, regie Nouchka van Brakel.

Hij schreef en regisseerde de comedy-series Reagan en Ons Soort Mensen (i.s.m. Gerben Hellinga). Voor zijn toneelstuk Moorddroom ontving hij de Van der Viesprijs (een drie jaarlijkse prijs van Het Nederlands Schrijvers Genootschap voor het Beste Nederlandse Toneelstuk). Schreef afleveringen voor In de Vlaamsche Pot. Bedacht en schreef de 13-delige comedyserie Pril Geluk (1994). Edwin de Vries schreef het scenario voor de speelfilm Left Luggage, naar een roman van Carl Friedman, geregisseerd door Jeroen Krabbé, met o.a. Isabella Rosselini en Maximilian Schnell. De film kreeg vier prijzen op Berlijnse filmfestival en de publieksprijs op het Nederlandse filmfestival. In 1999 schreef Edwin het scenario voor de film De Ontdekking van de Hemel naar het boek van Harry Mulisch. Het scenario werd bekroond met een Gouden Kalf voor het beste scenario 2002.

In 2007 werd zijn scenario Zomerhitte - gebaseerd op een roman van Jan Wolkers - verfilmd onder regie van Monique van de Ven.